Stichting Hoochhoutwout biedt u het heden en het verleden van de (vroegere) gemeente Hoogwoud (Hoogwoud, Aartswoud, De Langereis, De Gouwe, De Weere). De Stichting Hoochhoutwout heeft als doelstelling om de (vroegere) gemeente Hoogwoud in al haar facetten te belichten.

Deutekom

Een metselaars-dynastie uit Aartswoud

Door Niek Dekker

De geschiedenis van aannemingsbedrijf Deutekom uit Aartswoud begint in 1835 als metselaar Pieter Deutekom zich in het dorp vestigt. Vanaf dat jaar hebben de Deutekommen, van vader op zoon, onafgebroken gewerkt als metselaar. Ze bouwden onder andere aan de hervormde kerk in Aartswoud en boerderij Zorgwijck in Hoogwoud. De firma bleef tot het einde toe gevestigd in Aartswoud. Begin 2007 werd het door een ander bouwbedrijf, ook uit Aartswoud, overgenomen. Willem Deutekom was 65 geworden en zijn broer Jan 61 en er waren geen opvolgers onder hun kinderen.

 

De stamboom van de familie is bekend vanaf Anthony Deutekom die rond het jaar 1750 in De Rijp werd geboren. Hij was metselaar van beroep en is op een gegeven moment verhuisd naar Spanbroek. Eerder werd in Schagen in 1790 zijn zoon Jan geboren, die ook weer metselaar werd. Jan trouwde met Marijtje Mooij en kwam in Den Helder terecht, waar in de Franse tijd tussen 1811 en 1813, in opdracht van Napoleon, verschillende forten werden gebouwd. Daar was heel veel werk voor metselaars. Blijkbaar niet meer in juni 1813, want bij de geboorte aangifte van zijn zoon Pieter staat Jan als bakkersknecht te boek.

Fort Kijkduin in Huisduinen.

 

Pieter (1813 - 1850)

De zoon van Jan werd in Den Helder geboren, woonde later een tijdje op Wieringen en vestigde zich in 1835 als metselaarsknecht in Aartswoud. In 1837 trouwde hij met Trijntje Zomerdijk, een geboren Wieringse. Na haar overlijden hertrouwde hij in 1845 met Lijsbeth Kroon uit Hoogwoud. Het is niet bekend wat hij in en om Aartswoud heeft gebouwd, wel dat hij zes zonen had, van wie Maarten als metselaar en Cornelis als timmerman in Aartswoud werkzaam bleven. Na het vroege overlijden van Pieter zette zijn weduwe het bedrijf voort met behulp van een knecht. Niet bekend is hoe lang het duurde voor Maarten in de voetsporen van zijn vader trad. Zoon Jan werd matroos bij de Koninklijke Marine, in de familie werd hij ‘de koloniaal’ genoemd. Cornelis bleef kinderloos.

Maarten (1848 - 1934)

Maarten Deutekom en Trijntje Wit.

 

 

Silhouet Maarten Deutekom en Trijntje Wit.

 

Hij trouwde in 1876 met Wijntje Oortwijn uit Harenkarspel. Ze kregen een dochter, Betje in 1879 en een zoon, Willem in 1880. Moeder Wijntje overleed op haar 40ste in 1892. Maarten trouwde nog twee keer. In 1893 met Maartje Stam uit Noord-Scharwoude, die al vier jaar later overleed, slechts 42 jaar oud en in 1900 met Trijntje Wit uit Winkel, die 78 jaar is geworden. Uit deze huwelijken zijn geen kinderen geboren. In 1878 nam Maarten het metselbedrijf van Anton Frankenhout over, hij vestigde zich op de hoek van de huidige Schoolstraat en de Zuiderzeestraat (nu Schoolstraat 70). Daarvoor was hij een tijdje boerenknecht geweest, hij had eerst geen zin in het metselvak.

1918. Pand waar Maarten zijn bedrijf startte, nu Schoolstraat 70. 
Vlnr. Maarten Deutekom Wzn, Willem Deutekom Mzn, Maarten Deutekom
Pzn, Jacob Deutekom Wzn, Trijntje Deutekom-Wit, Jans Piels-Wiebering,
Annie Deutekom Wdr, Cornelia Mienes-Peetoom, Wijnand Deutekom Wzn.
en Jannetje Deutekom-Kort. Fotograaf was Willem Piels.

 

Maarten heeft met broer Cornelis verschillende huizen en boerderijen in en om Aartswoud gebouwd. Onder andere de boerderij aan Schoolstraat 16, waar nu Willem Deutekom woont, een zoon van Maarten, de broer van Wijnand. Bekend is hun grote aandeel in de bouw van de nieuwe kerk van Aartswoud in 1883/84 (zie ook artikel ‘Uit de kerkelijke archieven van Aartswoud’ in deze uitgave). Maarten was de belangrijkste metselaar en Cornelis de bouwmeester van de kerk. Maarten stond voor f. 2773,61 op de loonlijst voor de bouw van de kerk.

Hij was zeer actief in het sociale leven van zijn woonplaats. In 1898 werd hij gekozen in het bestuur van de vereniging Volksbelang. In 1893 werd hij diaken van de Hervormde kerk, in 1912 ouderling. In 1923, hij is dan 75 jaar oud, geeft hij dat stokje over aan A. Zweet. In 1918, toen hij 25 jaar lid was van de kerkenraad werd hij in de krant geprezen: ‘In zijn hart is hij nog steeds diaken, dit kunnen zij getuigen die thans met hem samenwerken en steeds met een kleine kas, zorgde hij met een warm kloppend hart voor de armen en voor hen welke bijstand noodig hadden. Vredelievend van aard werkt een ieder gaarne met hem samen.’

Plaquette in de hal van de kerk.

 

Maarten maakte ook jarenlang deel uit van het bestuur van IJsclub Aartswoud, nog in 1917 werd hij als bestuurslid herkozen. Hij was de bouwer van boerderij ‘Zorgwijck’ aan de Herenweg en in 1902 van de notariswoning aan diezelfde weg. Zijn metselstenen werden per schip aangevoerd bij ‘het stenen hoofd’. Deze pier lag in de Zuiderzee bij Aartswoud in het verlengde van de huidige Zuiderzeestraat.

Boerderij Zorgwijck.

 

In 1908 werden hem herstelwerkzaamheden aan het raadhuis en de raadhuisstoep in Hoogwoud gegund voor de somma van f. 508,- Hij nam ook straatwerk aan, zo schreef hij in 1910 in voor werk aan de Kerkelaan in Hoogwoud. Hij was echter te duur, Hannes de Boer uit Hoogwoud ging met f. 567,- ruimschoots onder de inschrijving van Maarten voor f. 655,-. In 1914 werd hem wel het metselwerk van een brandkluis in Hoogwoud gegund, hier was hij de laagste inschrijver voor f. 370,-.

En in 1916 mocht hij de 'privaten' bij de O.L. School in Aartswoud veranderen voor f. 301,35. Maarten was 70 toen zoon Willem in 1919 het bedrijf overnam.

Willem (1880 - 1954)

Willem Deutekom en Jannetje Kort.

 

Willem begon zijn carrière als metselaar in Hoorn. In 1902 vinden we zijn naam als acteur op een aankondiging van rederijkerskamer de Hoop uit Aartswoud. Ze speelden het stuk Goede Voornemens in ‘ het lokaal van den heer P. de Geus’. In 1909 kocht hij van Bruin Pluister de stolpboerderij aan de Zuiderzeestraat 5.

De boerderij in 1928. Rechts de kar met stoelen voor het 25-jarig huwelijksfeest. 
Vlnr: Jannetje Kort, Willem Deutekom Mzn, Maarten Deutekom Wzn,
Jaap Kuiper Rzn (rietdekker, later stoker op het stoomgemaal), Annie Deutekom,
Piet Dirkmaat, Wijnand en Jacob Deutekom Wzn, Jan Schoonewil, Alie Boon,
Marie Leeuw, Mien Bossen, Betje Deutekom en Jans Piels-Wiebering.
Fotograaf was Willem Piels.

 

In 1919 nam hij het bedrijf van zijn vader over en verhuisde dat naar die boerderij. In 1928 werd de boerderij gesloopt, de dag nadat Willem en Jannetje er hun 25-jarig huwelijk in hadden gevierd. De boerderij was erg oud: ‘de klimop groeide er naar binnen’. Er werd een nieuwe woning met bedrijfsruimte gebouwd. Sindsdien is de firma Deutekom op dat adres gevestigd geweest.

Het nieuwe pand Zuiderzeestraat 5.

 

Briefje bij de bouw in het pand verstopt, bij de verbouwing teruggevonden.

 

Hij trouwde in 1903 met Jannetje Kort uit Hoogwoud, een boerendochter die na haar huwelijk bij huis nog schapen hield. Ze kregen een dochter Annie (1905) en drie zonen: Maarten (1903), Jacob (1907) en Wijnand (1913). Alle drie grepen ze naar de troffel en ze hebben verschillende huizen en boerderijen gebouwd. Door de Eerste Wereldoorlog waarin Nederland neutraal was, hadden de boeren een goed inkomen en was er flink werk voor metselaars. In 1926 plaatste Willem een advertentie voor een metselaarsknecht.

1926. Advertentie metselaarsknecht.

 

Willem haalde zijn metselstenen met paard en wagen bij vrachtschipper Simon Modder aan de Niedorper brug. Zand haalde hij in Zandwerven. Er werd tot ongeveer 1900 gemetseld met mortelspecie, schelpenkalk met zand. In funderingen werd daar tras (gebroken en fijngemalen tufsteen van gesloopte oude panden) aan toegevoegd. Daardoor was de specie beter bestand tegen vocht.

 

PEN huisjes in Hoogwoud (nu Hoogenboomlaan) en Aartswoud (nu Schoolstraat).

 

Na 1900 werd het werken met Portlandcement gebruikelijk, dit was duurder maar efficiënter. Willem bouwde woningen aan de Kerkelaan in Hoogwoud en de  transformatorhuisjes in Hoogwoud (1930) en Aartswoud voor het Provinciaal Elektriciteitsbedrijf Noord-Holland (P.E.N.). Beide zijn gesloopt. Hij bouwde verschillende boerderijen, onder andere aan de Herenweg, bij de Sluis in Aartswoud en aan de Groene Pade. Voor dokter Pool Sr. bouwde hij een boerderij in de IJpolder bij het Noordzeekanaal. Pool had daar, als investering, grond in bezit.

Zoon Maarten behaalde in 1924 in Utrecht zijn diploma metselaarsgezel en eerder dat jaar een 1ste prijs met lof voor praktisch metselwerk bij een tentoonstelling van de vereniging ‘Vakonderwijs’. Maarten en Jacob gingen ‘doorleren’ en kregen goede ambtelijke functies. Maarten werd bouwkundige. Hij werkte als hoofdopzichter voor architect Saal, onder andere bij de bouw van huize Avondlicht in Hoorn en Westerlicht in Alkmaar. In 1925 werd hij bij de Cursus Vakonderwijs in Medemblik benoemd tot leraar bouwkundig tekenen. Jacob heeft na de oorlog op het Ministerie van Openbare Werken en Wederopbouw gewerkt. Toen de crisis van de dertiger jaren uitbrak was Wijnand alleen over met zijn vader en was er nauwelijks werk. Vader Willem had gelukkig een leuke spaarpot en wat land bij zijn boerderij, waar hij drie koeien hield. Hij redde zich wel.

Wijnand (1913 - 1989)

1965. Wijnand Deutekom en Nel de Vries.

 

Hij ging na het lager onderwijs naar de avondtekenschool die werd gegeven in het Huis van Egmond in Hoogwoud. Hij kreeg les van de heer Bruin uit Midwoud. Aansluitend deed hij een metsel opleiding van 3 jaar. In 1931 ontving hij daarvoor het getuigschrift. Het was crisistijd, maar hij had geluk, in 1930 was de Wieringermeer drooggelegd en daar moesten boerderijen en huizen worden gebouwd. Hij kon er niet zelfstandig werk aannemen, de aannemers (vooral ARP-leden) waren al door de regering van Colijn aangewezen. Hij ging er daarom, net als veel andere West-Friese bouwondernemers, in loondienst werken.

1935. Bouwvakkers in de Wieringermeer. 2e rij, 5e van links Wijnand Deutekom.

 

‘s Morgens, in het donker, ging hij op de fiets over onverlichte zandpaden naar de polder. Bruggen waren er nog niet, bij de verschillende kanalen werd je door een man met een bootje overgezet. Natuurlijk waren er af en toe klussen dichter bij huis. In 1935 vernieuwde hij het voegwerk aan de brug die bekend stond als ‘de Witte Pijp’, in de Schoolstraat (naast nummer 62, het voormalig armenhuis). In 1970 is de brug vervangen door een betonnen buis.

1935. Wijnand vernieuwd het voegwerk van de 'Witte Pijp'.

 

Wijnand was zeer sportief, hij voetbalde en schaatste en was lid van de gymnastiekvereniging. Toen in 1930 voetbalclub Meervogels werd opgericht, was Wijnand de eerste penningmeester. In 1933 won hij met zijn latere vrouw Nel de tweede prijs met ringsteken op ijs voor paren, later dat jaar won hij met haar een estafettewedstrijd op ijs. Hij reed veel toertochten op de schaats, zoals die van Enkhuizen naar Urk heen en terug in 1963. Hij voetbalde vanaf de oprichting bij Meervogels (het latere Aartswoudse Boys en nog later A.G.S.V.). Van 1951 tot 1972 was hij voorzitter van A.G.S.V. Jarenlang was hij lid van de vrijwillige brandweer. In 1940 volgde Wijnand zijn vader op in het bedrijf.

1940. Advertentie overname bedrijf door Wijnand.

 

Het eerste huis dat hij bouwde was voor Wouter Wiltenburg, een woonhuis met manufacturenwinkel aan de Zuiderzeestraat 15, waarin later de familie Das ging wonen. Hij trouwde in 1940 met Nel de Vries, enkele weken nadat Nederland door de Duitsers was bezet. Het paar ging nog per auto in ondertrouw, maar moest op de fiets naar hun huwelijkssluiting omdat er geen auto meer beschikbaar was. Ze gingen wonen op Schoolstraat 70 (hoek Zuiderzeestraat). Er werden zes kinderen geboren, Willem (1941), Therèse (1943) Jan (1946), Jeannette (1950), Annie (1952) en Wijnanda (1954). In 1954 ruilde hij van woning met zijn vader.

1939. Rekening manufacturier Wouter Wiltenburg voor inboedel Wijnand en Nel.


1949. Loonlijst gemeentewoningen aan de Zuiderzeestraat.


Wijnand heeft tijdens de oorlog altijd wel werk gehad, bijvoorbeeld toen er een bom naast zijn huis viel en het dak er af lag. Bij zijn vader in de schuur lag gelukkig een flinke voorraad cement, gestolen bij de bouw van Duitse bunkers. Daarmee kon hij zijn klussen doen. Zo heeft hij bij Klaas Silver in Aartswoud de schoorsteen gerepareerd. Die was volgens Klaas beschadigd door een Duitse jager die te laag vloog. Klaas zag het gebeuren en vertelde later: ‘Die hufter zat nog te lachen ook!’ Wijnand ruilde ook cement voor tarwe, waarmee hij onder anderen familieleden in Amsterdam aan eten kon helpen. Na de oorlog was er weer volop werk, schades herstellen en nieuwe huizen bouwen. Zo werkte hij in 1949 aan de gemeentewoningen in de Zuiderzeestraat. In de Molenstraat in Hoogwoud bouwde hij een blok woningen met aannemer Hannes de Boer. In de jaren zeventig kwamen er veel mensen uit de randstad in de West-Friese dorpen wonen. Intussen waren de twee zonen van Wijnand, Willem en Jan ook in de zaak komen werken. Aan de Gouw kwam een aantal ‘buitenpoorters’ wonen. Hun stolpen moesten allemaal worden verbouwd. Wijnand had hier veel kennis van en ook veel ervaring mee. Hij werkte voor stuntman Hammie de Beukelaer, kunstschilder Jan Sierhuis en zanger Marco Bakker. De firma Deutekom liep voorop in het terugbrengen van de traditionele West-Friese bouwstijl bij het verbouwen van de oude boerderijen.

1970. Wijnand en Jan werken aan de stolp Dorpsstraat 7 in Zwaag.

 

Zo werd in 1970 een afgebrande stolp aan Dorpsstraat 7 in Zwaag weer helemaal op de ouderwetse manier opgebouwd. Met een vierkant van balken van 33 x 33 cm van Amerikaans hemlock (een naaldhoutsoort). Daarop rondhouten sparren en riet, eerst vlechtriet en dan dekriet, prachtig werk vonden ze dat.

Mestkelder ligboxstal voor Nieuwboer met Jan, Wijnand, Willem en Meindert Nieuwboer.

 

Er werden ook meer ‘moderne’ klussen aangenomen, zoals de bouw van een nieuwe stal met mestkelder bij Nieuwboer en een showroom voor garage Glas. Het bedrijf bleef klein. Na de oorlog werkte Piet Best 25 jaar bij het bedrijf, Kees Mul uit Spanbroek een paar jaar en af toe neef Blanken. Bij grotere klussen werd los personeel ingehuurd.

Wijnand stapte in 1978, op zijn 65ste, uit het bedrijf.

1997. Willem maakt snijvoegen, Schoolstraat 28.


Wijnand en Jan voegen een boerderijmuur.


Willem en Jan zetten het bedrijf voort. Willem als timmerman, Jan als metselaar. Henk Verbeek, ook uit Aartswoud heeft 32 jaar als timmerman bij hen gewerkt. Jan Kuiper van de Langereis tien jaar, en Piet Mol een paar jaar. Regelmatig werkten ook jongeren via het leerlingenstelsel in het bedrijf. De firma deed vooral ‘burgerwerk’. Verbouwingen en restauraties, zoals van de museumboerderij van Adriaan Donker. In 1982 werd op het oude vierkant van het voormalig Armenhuis aan de Schoolstraat een compleet nieuwe stolp gebouwd voor de familie Rooker.

Jan stuct een nieuwe koemuur in museumboerderij West-Frisia.

 

Willem is sinds 1968 getrouwd met Nel Grootewal, ze hebben twee dochters. Jan is in 1977 getrouwd met Elly Muntjewerff, zij hebben drie zoons en een dochter. Geen van de kinderen is in het bedrijf komen werken. Het bedrijf ging daarom per januari 2007 op in bouwbedrijf ‘De Kleine Stolp’, waarmee de firma Deutekom al enkele jaren samenwerkte. Henk Verbeek bleef in vaste dienst voor de ‘De Kleine Stolp’ timmeren tot zijn pensioen, Jan heeft als onderaannemer nog een paar metselklussen voor hen gedaan en Willem gaf nog een enkele keer advies. Zo kwam er na 175 jaar een einde aan de dynastie van metselende Deutekommen in Aartswoud.

 Website designed and build by

deanluma logo shade xsmall